Toen mijn relatie al jaren uit was en ik wel weer eens een keer verlangde naar een nieuwe, kreeg ik heel veel tips van mensen die wel een relatie hadden. De een zei: ‘Je moet visualiseren hoe je partner eruit ziet!’ De ander zei: ‘Je moet er juist niét mee bezig zijn!’
Of ze kregen zelf pas een relatie toen ze er ècht voor open stonden en dus: ‘Je moet er voor open staan heidi!’
Wat is dat? Ergens voor open staan? Gaat dat verder dan behoefte hebben aan en verlangen naar een nieuwe relatie en je inschrijven bij een datingsite?
Een vriendin kreeg een relatie net nadat ze dacht: ik hoef nóóit meer een relatie! En dus vindt ze dat ik dat nu ook moet gaan denken.
Afgezien van het feit of het überhaupt mogelijk is om af te dwingen dat je ineens geen relatie meer wil, vraag ik me af waarom mensen, zodra ze krijgen wat ze verlangen, meteen denken dat ze het lot hebben bedwongen. Waarom ze denken dat ze de geheime vraag van het leven juist hebben beantwoord en kunnen krijgen wat ze willen.
Ik vind het puddingpsychologie.
Toen ik eens een natuurgeneeskundige bezocht, kreeg ik 8 kleine, lege flesjes van haar. Er hadden bepaalde vloeistoffen in gezeten, die nu nog positieve trillingen veroorzaakten. Ik moest ze altijd bij me dragen, tegen mijn huid, dus bij voorkeur in mijn bh. Toen ik dat pertinent weigerde omdat dat écht niet kon op mijn werkplek, zei ze: ‘Als je dat niet wil, dan is je ziel er blijkbaar niet aan toe.’
Mijn ziel was er niet aan toe.
Dat zijn vriendelijke woorden voor: ‘Je wìlt je gewoon kut slecht voelen, slachtoffer!’
Er zijn duizenden boeken te vinden over de juiste levensinstelling. Als je maar de juiste dingen denkt, dan overkomen je de juiste dingen. En overkomt het je niet, dan is je ziel er nog niet aan toe. Oftewel: je doet gewoon niet je best, luie donder! Want het leven is maakbaar en als jij niet het leven hebt dat je wilt, dan wil je dat blijkbaar niet hard genoeg!
Ik heb geen relatie, ik heb geen baan, ik heb goddank nog net een dak boven mijn hoofd, maar dat kan ik eigenlijk niet betalen, dus daar gaat binnenkort ook een einde aan komen. O nee, dat mag ik niet zeggen, want dan roep ik het op me af. Oké, schrap dat laatste dan maar.
Maar aan mijn leven te zien, bak ik niets van al die moderne levenslessen. Terwijl ik toch al van kinds af aan denk: als ik niet op de lijntjes tussen de stoeptegels loop, dan overkomt me vandaag niets vervelends. Als ik maar vijftig keer per dag controleer of het gas uit is, dan ontploft het huis in elk geval niet.
Maar bij mij heet dat dan ineens een obsessief-compulsieve stoornis.