Als ik verdrietig ben, is er altijd een stem in mijn hoofd die vindt dat ik mezelf niet zo zielig moet vinden.
Als ik boos ben, is er altijd die stem die vindt dat ik de schuld bij mezelf moet zoeken.
Als ik me rot voel omdat iemand die ik erg graag mag, niet bevriend wil zijn met mij, is er altijd die stem die zegt dat:
A) Niet iedereen mij aardig kan vinden
B) Ik mezelf maar moet laten zien en dan wel zal merken dat niemand van me houdt
C) Ik me niet zo afhankelijk moet gedragen
D) Het belangrijker is dat ik van mezelf houdt
Ik kan geen enkel gevoel voelen, zonder stemmen te horen die mijn gevoel wegmaken. En elke keer dat ik hier iets schrijf moet ik proberen stemmen te bevechten negeren, anders was deze website gevuld met blanco pagina’s.
Het zijn stemmen van mijn ouders, die altijd vonden dat ik me aanstelde, maar net zo vaak de stemmen van hulpverleners die zó vaak zeiden: ‘Maar moet iedereen je dan aardig vinden?’ En cognitieve gedragstherapie leerde me dat mijn gevoelens nooit kloppen, want er zal altijd wel een verkeerde gedachte aan ten grondslag liggen.
Ik wil weer gewoon verdriet voelen en boos zijn zonder dat het meteen ‘fout’ voelt, maar die stemmen zijn hardnekkig.
Een verbod op voelen is een snelweg richting depressie.