Schuldgevoel

Ik heb 20 jaar van mijn leven (bijna de helft) geleefd met ondraaglijke angst. Elke dag, 24 uur per dag.
De angst was beter te dragen op het moment dat er iemand bij me was. Ik hoefde niet perse met diegene te praten, als er maar iemand wás. Iemand die niet oordeelde en me er gewoon liet zijn.

Ik woonde alleen, naar buiten gaan was een hel en echt veel vrienden had ik ook niet, dus de angst was bijna altíjd ondraaglijk.

Elke hulpverlener vroeg het aan me: ‘Wáár ben je bang voor?’, maar ik was nergens specifiek bang voor. Het was meer een lichamelijke staat van zijn. Een hele heftige onrust. Een torenhoge spanning. Als je het nog nooit hebt gevoelt, kan ik het je waarschijnlijk ook niet uitleggen en niet laten begrijpen (al deed ik ooit wel een poging)

Soms komt het weer terug. Nooit in zo’n intense mate als (nog maar) een paar jaar geleden, maar toch denk ik elke keer meteen: help, wanneer gaat dit weer weg?!
Ooit ging het nóóit weg. ‘Het gaat wel weer over’, was niet van toepassing. Ik voelde het immers 20 jaar lang, elke seconde van de dag.
De wanhoop die je dan voelt is immens. Het is eigenlijk niet leefbaar, en toch moet het.

Het was een moeilijke zoektocht naar medicijnen die zouden kunnen helpen. Soms kreeg ik er hele nare bijwerkingen voor terug terwijl het maar weinig van de angst weghaalde. Dan had ik liever geen medicatie.
In mijn geval was er één soort medicatie dat echt goed hielp, maar waar ik na een aantal jaar van de psychiater mee moest stoppen, omdat het bijwerkingen had die slecht waren voor mijn lichaam.

Kortom: mijn leven bestond 20 jaar lang grotendeels alleen maar uit angst.
Extreem heftige, niet leefbare angst.
Ik durf met zekerheid te zeggen dat élk persoon op aarde op zoek zou gaan naar wat het leven draaglijker kon maken als ze pakweg een week of twee mijn angst zouden hebben gevoeld.
Ook elk persoon aan de zijlijn die precies wist wat ik moest doen om mijn leven leefbaarder te maken. Ook heel stabiele personen. Ook hulpverleners. Zelfs psychiaters.
Als je niet meer weet wat je moet doen om de angst te verdragen, omdat het niet meer te verdragen ís. Als je (terecht) gelooft dat de angst nog wel 20 jaar langer kan duren, dan ga je echt zoeken naar wat het toch verlicht, als is het maar tijdelijk en al is het maar een beetje.

Ik heb heel wat wanhopige dingen gedaan.
Mezelf pijn doen, bijvoorbeeld door in mezelf te krassen, heb ik een aantal jaar gedaan. Ik deed er niemand kwaad mee, niemand zag het, en het hielp me om mezelf uit te schakelen, dus ik begrijp nog steeds goed waarom ik het deed.

Andere methodes waren slechter. Ik ging soms heel veel drinken. Ik hou niet van alcohol, maar zolang je er knock-out mee gaat was het voor mij een goed middel.
Tot iemand me belde en ik ook nog opnam. Dat was de laatste keer.

Toen pakte ik in grote paniek soms teveel medicijnen: Nog een oxazepam erbij. Nog een erbij. Nog twee. Nog drie. Toen die op waren nog maar een antidepressiva erbij. En nog een. En nog een. Zóveel paniek, zóveel angst. Het moest stoppen, nú. Tot ik er op een avond echt teveel nam en 24 uur later door mijn zus op de grond gevonden werd, nadat zij werd gebeld omdat ik niet naar dagbehandeling was geweest.

Ik voel me veel en vaak schuldig over de dingen waarbij mijn naasten moesten mee-lijden in wat ik meemaakte omdat ik ze deelgenoot maakte. Deelgenoot omdat ik het ze vertelde. Omdat ze vroegen hoe het ging (terwijl ze dit wellicht niet wilden horen). Omdat ik niet op hun bruiloft kwam omdat de angst te groot was (en ik ze dat niet kon uitleggen). Of omdat ik ze opbelde in paniek (en ze geen flauw idee hadden wat ze er mee moesten). Omdat ik het ze in al mijn wanhoop liet zien (omdat er niets anders was dat ik kon laten zien). Of omdat ik ze het zonder dat ik het wilde, zoals ik hierboven beschreef, alsnog liet horen en ze het gevoel hadden te moeten handelen.

Ze gaven me niet altijd het gevoel dat ik me schuldig moest voelen, maar dat doe ik toch. En het lijkt erop dat dat groter wordt naarmate de tijd verstrijkt. Het wordt er in elk geval niet minder op. Ook niet nu mijn angst voor 95% is verdwenen en ik een ander nooit meer laat mee-lijden.
Toch is dat schuldgevoel er nog. Want: weet je nog, toen. Terwijl ik dat nooit durf te benoemen. Ik heb het er nooit over, terwijl het nog dagelijks leeft. En net zo erg: de ander heeft het er ook nooit over.

Mijn naasten lieten me over het algemeen niet blijken dat ik me schuldig moest voelen. Veel hulpverleners wel (maar dat is iets voor een ander blog).

Ik blijf me ook schuldig voelen omdat ik weet hoe erg de buitenwereld oordeelt. Mensen zijn vaak geïrriteerd over hun buurman die een uitkering krijgt, want waarom werkt hij niet gewoon? Tegen mij zeggen ze het nooit letterlijk, maar ze willen wel graag meedenken naar werk dat bij me past, terwijl ik niet op zoek ben.

Mensen weten niet hoe het is om extreem angstig te zijn (en wees daar maar gewoon blij om!). Ik weet dat wel. En geloof me: iedereen zou doen wat ik heb gedaan, op welke manier dan ook. Iedereen zou uitvluchten zoeken of dingen verzinnen om de wanhoop te temmen.
Oordeel alsjeblieft niet zo snel. Je weet niet wat jij zou doen.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *